Categoriearchief: solo

een ode aan mijn ex

Wat een prachtige Ode aan de ex schreef David van Reybrouck in De Correspondent. Samen met zijn voormalige vriendin sprak Van Reybrouck ‘na drie maanden stilte’ af in een Brussels café. Hij kijkt naar haar als ze een drankje gaat bestellen aan de bar: ‘Ik moet mijn best doen om haar schoonheid niet te zien. Het lukt me niet. Dan maar kwelling.’ Het ontroert me hoe liefdevol hij schrijft over zijn ex. Na drie maanden! Jaloersmakend vind ik het. Maar waarom? Vind ik dat ik dat óók moet kunnen, zo’n ode schrijven aan mijn ex?

‘Misschien zijn oud-geliefden wel de meeste duurzame relaties in een mensenleven,’ schrijft Van Reybrouck. ‘Maar waarom moet dat zo vaak ondraaglijk zijn? Zo verbitterd blijven? Verdriet dat zich vermomt als hardheid. Verlies dat zich uitdrukt in nijd. Doodzonde.’ O, wat ben ik het met Reybrouck eens. Wat zou het mooi zijn als je na het verbreken van je relatie in alle redelijkheid naar elkaar kon kijken. Als het lukte om de terugblik op de mooie momenten te laten prevaleren boven de pijnlijke herinneringen aan de ruzies en de breuk. Wat zou je bewonderd worden door vrienden en familie. Wat zou je trots zijn op jezelf. Redelijk en mild zijn: dat moet toch kunnen?

Zeker, het kan. In 2013 werden ex 1 en ik geïnterviewd voor de serie Exgenoten van NRC Lux. Het werd een mooi artikel waarin onze beide verhalen over de scheiding en onze huidige vriendschap staan opgetekend. ‘Fijn dat jullie willen meewerken. Het is niet makkelijk om interviewkandidaten te vinden,’ zei journaliste Brigit Kooijman me voorafgaand aan ons gesprek. En dat kan ik me zó goed voorstellen. Want eigenlijk is het een wonder als je in staat bent om zo liefdevol over elkaar te spreken na een relatiebreuk. Dat kan bepaald niet altijd. Althans, niet meteen (het interview voor NRC vond plaats elf jaar na het verbreken van mijn huwelijk). In de begintijd staan pijn en verdriet de mildheid nog akelig in de weg. Als je op dat moment de pen pakt voor een lofzang, wordt het enkel een opsomming van bitterheden.

Ga ik het doen? Ik sluit niets uit. Het lijkt me wel mooi zelfs, zo’n Nahuwelijk-achtig verhaal. Louterend. Een soort bloemlezing. Misschien schrijf ik ‘m op een dag, mijn Ode aan de ex. Maar misschien lukt het nooit. En dat is helemaal niet erg.

fietsend naar amsterdam

Zojuist teruggekeerd van mijn eersteUtrecht - Amsterdam single parents-trip: op fietsvakantie naar Amsterdam. Een hele belevenis! Als hardwerkende goed-genoegmoeder liet ik het qua voorbereidingen enigszins afweten. Tot de dag voor vertrek zat ik nog achter mijn laptop, en echt niet om de kortste route of de leukste dagtripjes uit te zoeken. Nee, er moesten deadlines worden gehaald, om nog maar te zwijgen van de btw-aangifte. En dus fietsten we dinsdag voornamelijk op gevoel van Utrecht richting Noord-Holland. De route kon niet moeilijk zijn, had ik bedacht: van dorp naar dorp langs Vecht en Amstel, en dan nog even van de Bijlmer naar ons AirBnB-adresje in de Pijp. Tot Loenen ging het prima; daarna moest ik toch de hulp van omstanders en Google Maps inroepen. Terecht mopperde dochter dat ik één en ander wel wat degelijker had kunnen voorbereiden. Om dit te onderstrepen zoefde op dat moment een echtpaar met onberispelijk fietsequipment voorbij, bestaande uit lichtgewicht, neongeel reflecterende fietstassen, dito gekleurde sportpakjes en kekke helmpjes . Dit inFietsen in Amsterdam schril contrast met de uitpuilende weekend- en Albert Heijntassen in onze fietskratten en onder de snelbinders, plus mijn overvolle handtas bungelend aan het stuur.

Maar we fiksten het: zonder lekke banden of kleerscheuren bereikten we na vijf uur fietsen (inclusief pauzes op zonovergoten terrassen) ons logeeradres. De dagen daarna waren goed gevuld met bezoekjes aan het KattenKabinet, de Matisse-tentoonstelling in het Stedelijk, het homomonument, filmmuseum EYE en het Vondelpark. Uiteraard hebben we ook geshopt en op allerlei terrasjes gezeten (wow, wat is de Pijp een leuke, hippe wijk!). Het was fantastisch om als een local door Amsterdam te fietsen en niet steeds de tram te hoeven pakken. Ideaal om je fiets op de Dam, het Rembrandtplein of naast de Westerkerk te parkeren.

Fiets op de DamVoor het eerst zonder partner met vakantie betekent: meer een beroep op de kinderen doen. Samen de route van de dag bepalen, de kinders om raad vragen, rekening houden met elkaar. Zo remde zoon heel attent af bij diverse kerkgebouwen: ‘Hier wil je zeker wel even kijken hè?’ En dochter greep uit zichzelf de afwaskwast na het ontbijt, of stak ‘s avonds in ons appartement de kaarsjes aan. Het was erg gezellig.

Als single met vakantie betekent echter ook: alleen thuiskomen. En dat is wel even slikken. Niemand op de bank die vraagt: ‘Hoe hebben jullie het gehad?’ Die zegt: ‘Blijf jij lekker zitten na die lange fietstocht, ík kook vanavond wel.’ Maar ach, het gevoel van blijdschap en trots overheerst. Omdat we het zo fijn hadden, en probleemloos die tachtig kilometer heen en terug hebben overbrugd. En dat vakantiewasje van slechts drie personen – dát is alweer gedaan!

maria

Herfst 2002. Een paar dagen in Parijs. Ik loop de Notre Dame binnen, waar juist een koor staat te zingen. Ik schuif één van de bankjes in, snuif de geur van wierook op en luister naar de muziek. Het is een turbulente tijd: ik ben net gescheiden en krijg over een paar weken de sleutel van mijn nieuwe huis. Daar zal ik samen met mijn kinderen, dan twee en vier, gaan wonen. Hoe zal dat gaan? Zal ik het redden, als alleenstaande moeder? Zoals wel vaker in die weken slaat de schrik me om het hart. Terwijl ik in de prachtige kerk naar het koor zit te luisteren, denk ik aan mijn zoon en dochter die straks uit hun vertrouwde omgeving worden weggerukt. Wat had ik het graag anders voor ze gewild. Ik voel me verdrietig en machteloos.

Ik rommel in mijn tas, op zoek naar een tissue. Als ik met betraande ogen weer opkijk, krijg ik Maria in het vizier. Schuin boven me hangt een beeld van haar. Ze kijkt me recht in de ogen. Haar zoon, met fier opgericht hoofd, houdt ze stevig in haar linkerarm. Je ziet dat het jochie het redt omdat hij zich door zijn moeder gedragen weet. Maria blijft me aankijken: zelfverzekerd, maar beslist niet arrogant. Mild, krachtig en liefdevol tegelijk. Ik ben perplex. Op dat moment weet ik het zeker: Olga, jij gaat het redden. Die kindjes en jij, het komt helemaal goed.

Sinds die zonnige oktoberdag in 2002 is het ‘aan’ tussen Maria en mij. Voor die tijd kende ik haar niet. Pas op mijn 34e heb ik haar voor het eerst ontmoet. En ze blijft bijzonder. Voor mij staat Maria symbool voor de kracht van de liefde. Maria is sterk op een subtiele manier. Ze is geen heldin, heeft geen Pippi-Langkouskrachten. Haar kracht zit ‘m in de mildheid, het doorzettingsvermogen en het vertrouwen in de toekomst.

Maria is overal. Ik beschouw haar als een goede vriendin, een soort familielid. Ben ik in een andere stad of in het buitenland, dan zoek ik haar altijd even op. In elke katholieke kerk, groot of klein, sober of overdadig, is ze te vinden. Ze is de meest kleurrijke persoon. Ik brand altijd een kaarsjMaria café Belgiëe bij haar. En als het even kan, neem ik een kaars uit de kerk mee naar huis. Vanuit heel Europa heb ik kaarsen met Maria’s beeltenis erop in mijn huiskamer staan.

En weet je wat ik zo heerlijk vind? Dat we Maria ook in de kroeg tegenkomen. In Utrecht bijvoorbeeld staat ze bij Olivier en Kafé België. Maria begrijpt maar al te goed dat moeders het best gedijen als ze regelmatig even tijd maken voor zichzelf. Ze is een mens tussen de mensen. Juist daarom voel ik me zo vertrouwd bij haar.

 

 

Maria Sterre ter Zee (Maastricht)
Maria Sterre ter Zee (Maastricht)
Rome
Op straat in Rome

happy single

Vorige week, na het vDexbob over single zijnerschijnen van mijn blog een cursus alleen zijn, twitterde @dexbob: ‘Wat doe je er moeilijk over. Vanaf dag 1 vond ik het top. Het totale wegvallen van overleg en verantwoordelijkheid – love it.’ Wat volgde was een gesprek over de pluspunten van het single-bestaan. En je hebt groot gelijk Bob: die leuke kanten zijn er genoeg. Tijd om ze eens op een rijtje te zetten.

Geen verantwoording af hoeven leggen over je daden, je aankopen, je keuzes: da’s het eerste voordeel. Heerlijk is dat. Een rode muur in de huiskamer omdat ík dat mooi vind. Om 23.00 uur nog even de stad ingaan omdat ík daar zin in heb. ‘Op het laatste moment besluiten niet te gaan koken, maar een roombroodje te eten,’ twittert @dexbob. Ja, dát.

Jezelf opnieuw uitvinden vind ik een tweede pluspunt. Mijn partners hebben me gevormd de afgelopen jaren. Ik heb veel van ze geleerd. En dat is mooi. Maar wat is nou echt van mezelf? Welk deel van mijn persoonlijkheid heb ik laten ondersneeuwen, in welke opzichten heb ik me aangepast? Alle tijd om daarover na te denken, te lezen, te praten. Een poosje geleden was ik op de housewarming van een vriend van me; eveneens vorig jaar gescheiden. Zijn zus hield een speech waarin ze zei: ‘Na al die jaren zie ik mijn echte broer terug. Je laat nu weer zien wie je werkelijk bent.’

Je eigen tempo bepalen is een voordeel dat hier vanzelf uit voortvloeit. In mijn geval betekent dat: rustig de tijd nemen om te verwerken wat er is gebeurd. Al een half jaar aankijken tegen een ontbrekende plint van mijn Lundia-stelling en er lachend mijn schouders over ophalen, omdat het me werkelijk niet deert. En me realiseren: ik heb jarenlang gehold, maar rustig aan doen past meer bij mij.

Stilte en rust: deze noemt mijn allerbeste maatje regelmatig als ik hem weer eens vraag wat er nou zo leuk is aan alleen wonen. ‘Mijn eigen gang kunnen gaan, niemand die op me let, urenlang lummelen en mijmeren.’ Ik vind dit een lastige; heb graag mensen om me heen. Nog steeds moet ik eraan wennen dat ik niet meteen mijn verhaal kwijt kan. Terwijl dezelfde vriend zegt: ‘En als je dat verhaal dan niet deelt, maar het gewoon voor jezelf houdt – wat gebeurt er dan?’ Nou, volgens mij gebeurt er dan niets. Of juist heel veel. Ik zal het eens gaan proberen.

Je zou bijna denken dat de happy single bestaat. En daarbij denk ik niet zozeer aan het glamorous beeld dat series als Sex and the City schetsen: shoppen met vriendinnen, ieder weekeind weer een andere mooie man aan de haak slaan en fijne feesten met veel prosecco (hoewel dit soort zaken het leven zéker aangenamer maken). Nee, mijn geluk zit ‘m in de aanvaarding van het leven zoals het nu is.

Nog andere pluspunten van het vrijgezellenbestaan? Ik hoor ze graag! 

cursus alleen zijn

Alleen wonen – hoe weet je of je het kunt? In de maanden voorafgaand aan mijn verhuizing deed ik regelmatig research bij mijn single vrienden. Ruimhartig zetten ze tijdens vele terrasbezoeken de voor- en nadelen voor me op een rij (dát leerde ik meteen al: singles nemen de tijd voor je. En ze hoeven niet drie weken van tevoren hun agenda te trekken, maar springen na één appje op de fiets om met je af te spreken). Ik wist in theorie wat ik verwachten kon. Maar pas toen ik op eigen benen stond, wist ik hoe het werkelijk was. Een workshop ‘hoe red ik mezelf in mijn eentje’ was in die dagen meer dan welkom geweest.

Vorige week ontdekte ik dat er zo’n cursus bestaat. Maartje Duin maakte de vierdelige radioserie Een cursus alleen zijn. Een aanrader voor elke single! ‘Ik bepaal zelf wanneer ik iets afspreek en met wie,’ zegt een man in het deel over vrijetijdsbesteding. ‘Ik leef van uur tot uur.’ Een vrouw vertelt hoe heerlijk het is om alleen naar het theater te gaan. En, zegt ze: ‘Als je in je eentje gaat, is de kans op een kaartje ook groter.’ Wel constateert ze dat mensen die alleen leven, veel meer moeite moeten doen om te ontspannen. Omdat je alles zelf moet doen, gun je jezelf nooit eens rust.

Herkenbaar vond ik het deel over moeilijke momenten. De momenten dat je in je eentje thuiskomt bijvoorbeeld, en met niemand je verhaal kunt delen. Dat er geen partner is die kritisch meedenkt of vanzelfsprekend met je meegaat naar een feest. Of die de simpele ditjes en datjes met je bespreekt. Een vrouw vertelt dat ze eens meereed met een bevriend stel. Ze zat achterin de auto en hoorde het setje praten. ‘Ze overlegden met elkaar over het eten en besloten dat ze spruitjes zouden koken. Daarna hadden ze het over een tv-programma dat ze gingen kijken. Ik voelde me zó alleen. De tranen liepen over m’n wangen.’ ‘Ik zou zomaar dood kunnen gaan en dan zou  ik hier maar liggen in dat ongeordende huis. Het zou dagen duren voordat iemand me zou missen,’ vertelt een man.

Het laatste deel gaat over daten en de liefde. ‘Als je een hele tijd alleen bent, sta je op de seksuele spaarstand,’ vertelt een vrouw. Of juist niet: dan heb je een lijstje bedpartners die op afroep beschikbaar zijn. ‘Een soort wederzijdse prostitutie eigenlijk, waar geen geld aan te pas komt.’ Het voorbereiden op een date is vaak al leuk genoeg, hoor ik: ‘Ik lak mijn nagels, ga in bad, smeer me in met bodylotion. Ik sta uren voor de spiegel, doe lekker een muziekje aan. Het maakt dat ik me prettig en gelukkig voel. Soms zeg ik die date vervolgens gewoon af.’

De interviews in de cursus werken louterend: in een wereld vol met stelletjes is het fijn om verhalen van andere singles te horen. Daarnaast zijn er de tips. Veelal voor de hand liggend, maar er zit zeker een opstekertje tussen zo nu en dan. Bijvoorbeeld: ‘Als je je ellendig voelt, pak dan de telefoon en bel een vriendin. Zeg haar dat je verdrietig bent en dat je bij haar spruitjes wilt komen eten.’ En ook dit advies is te mooi om jullie te onthouden: ‘Ben je down, pak dan een documentairebox van de Beatles. Ga zéker geen films over de liefde kijken.’

Beluister hier de cursus alleen zijn

de liefde als hoogste goed

Tussen oorlog van met z’n tweeën en ontberingen van alleen zijn moet de volmaakte omgang liggen’, dichtte Elly de Waard in haar debuutbundel Afstand. Een stelling die menig (echt)paar zal onderschrijven. Het is ook mijn persoonlijke ervaring. Als samen zijn niet meer werkt, voelt alleen zijn als een bevrijding. Maar géén partner hebben is af en toe verdomde eenzaam.

De Franse filosoof Ruwen Ogien is er stellig over: ‘Romantische liefde duurt niet eeuwig. Hooguit drie jaar. Niemand is onvervangbaar, ook jouw eeuwige liefde niet.’ Ogien schreef er een boek over, Philosopher ou faire l’amour. In een uitstekend interview in Vrij Nederland (dank voor het delen, Marjan!) zegt Ogien: ‘De romantische liefde was vooral een literaire werkelijkheid. Alleen is het vandaag de norm geworden in ons dagelijks bestaan: een man en een vrouw, trouw aan elkaar en voor eeuwig verbonden.’ Ogien gelooft er niet in: ‘Die lofzang op de liefde is een soort spreekbuis geworden van een nieuw conservatief gedachtegoed (…). De liefde als hoogste goed is een rechtvaardiging om elke innovatie tegen te houden als het gaat om het huwelijk, seksualiteit en voortplanting.’ Het homohuwelijk bijvoorbeeld, waar in Frankrijk zeer heftig tegen geageerd werd. Of de opvatting ‘seks zonder liefde is slecht’. Ogien: ‘Er is geen empirisch bewijs voor de stelling dat seks per definitie beter is mét liefde. Er zijn zelfs redenen om te denken dat liefde juist een obstakel is voor bevredigende seks.’

Moeten we hierdoor bitter worden? Ik vind van niet. Ogien schetst eerder een realistisch dan een cynisch beeld. Ook ik merk ik dat ik véél kritischer ben geworden over het idee liefde is for always. Vanaf mijn 20e heb ik non-stop een man aan mijn zij gehad – het is voor het eerst dat ik maandenlang single ben. Ik ontdek nu dat ik het prima naar m’n zin kan hebben in m’n eentje. En dat alleen zijn helemaal zo deerniswekkend niet is. Ogien concludeert in het interview in Vrij Nederland: ‘Liefde is niet onbelangrijk, maar ook niet het belangrijkste in ons bestaan. Persoonlijk zou ik eerder de liefde opgeven dan de vrijheid.’ Aanvullend zou ik willen stellen: liefde is wel degelijk belangrijk, maar het komt op allerlei manieren naar je toe. Ook zónder exclusieve partner-voor-het-leven.

Facebook in tijden van crisis

In tijden van crisis is Facebook een slangenkuil. Met kiekjes van happy families onder de kerstboom, blije stelletjes op Valentijnsdag en exen die ogenschijnlijk nog nooit zó gelukkig zijn geweest. Het is de dorpspomp in het kwadraat. Ontvriend worden, reacties met een dubbele bodem, reacties die uitblijven: als je tóch al wenend op de bank zit, is dit alles niet bevorderlijk voor je welzijn. Anderzijds is het Smoelenboek soms ook heel opbeurend. Er zijn momenten dat de Facebookfamily me er echt doorheen sleept.

Facebook wéét ook zoveel. Bij mijn ‘relatiestatus’ (wie kende dit woord vóór Facebook bestond?) vulde ik jaren geleden braaf in ‘heeft een samenlevingscontract’. Alsof ik me bij het loket van Burgerzaken bevond. Na de zomer besloot ik deze informatie te verwijderen. Ik had kunnen kiezen voor ‘het is ingewikkeld’ en een paar weken later voor het ietwat sneue ‘vrijgezel’. Maar, dacht ik: dat gaat geen mens wat aan. En dus heb ik tot op de dag van vandaag niets in het betreffende hokje ingevuld. Dat laat Facebook echter niet op zich zitten. Er moet iets aan de hand zijn, wordt er op het hoofdkantoor geconstateerd. Met als gevolg dat ik geen advertenties meer ontvang voor gezinsvakanties naar Center Parks, maar het advies om lekker tot rust te komen tijdens een yogatripje naar Bali. Ikrelatieconsulent worden krijg ‘leuke mannen uit de regio’ voorgeschoteld door Lexa en Zook. En hypotheekadviezen, terwijl ik goddank alweer vele maanden huur. De  mooiste in de reeks doelgroepadvertenties vond ik wel de voorgestelde pagina ‘consulent worden bij Mens & Relatie’. Hè ja, Facebook, na al het geploeter in mijn eigen relatie lijkt het me héérlijk om me nu eens te verdiepen in andermans echtscheidingsleed – bedankt voor de tip!

Tegelijkertijd weet Facebook heel veel dingen níet. En laten we dat vooral zo houden. Lang leve de vriendschappen IRL!

doorgeknipt

Het ergste leed lijkt betaalpasjesvoorbij. De lange weg die leidde tot het besluit om uit elkaar te gaan. De breuk en de ingewikkelde weken daarna. Het klussen en verhuizen tijdens de donkere wintermaanden. De halvering van het gezin. De eerste maanden met z’n drieën in het nieuwe huis. Het wennen aan het single-bestaan.

Veel van dat alles is achter de rug. Het gaat eigenlijk best weer aardig. M’n draai gevonden in de andere buurt. Blij met mijn kinderen en de lieve vrienden om me heen. Leuke nieuwe ontmoetingen. De eerste zonnestralen op mijn fleurige balkon. Fijne feestjes. De btw-aangifte van Q1 gedaan. Eindelijk weer eens een paar jurkjes gekocht. Ja, er zijn dagen dat ik hardop durf te denken: alles komt goed.

Maar dan ineens tóch weer een onverwachte dip. Juist op een moment dat ik het helemaal niet verwacht. Op een zonnige middag stap ik de bank binnen, samen met mijn opgewekt fluitende ex. De afwikkeling van onze gezamenlijke administratie nadert haar eind: we gaan de en/of-rekening opdoeken. Ik dacht dat dit een fluitje van een cent zou zijn, maar nee. Het blijkt een flink karwei. Er wordt koffie ingeschonken, op het beeldscherm flitsen de diverse rekeningen voorbij. Tientallen vragen dienen beantwoord te worden.

Weldra ligt de kraakhelderwitte balie vol met paspoorten, bankpassen en een schaar. Want bij het opheffen van de en/of-rekening moeten pasjes worden doorgeknipt. Of één van ons dat wil doen, vraagt de bankmevrouw. Ex heeft geen interesse. Maar ik voel dat ik dit zelf moet doen. De bankmevrouw reikt me de schaar aan, die ik geconcentreerd in het oranje plastic zet. Een forse knip: de pas is in tweeën. Ook de andere pas knip ik door. Mijn en/of-pas. De pas waarmee ik wekelijks in de deuropening stond, omdat Albert weer stapels kratten vol boodschappen kwam bezorgen voor ons grote gezin. De pas van de rekening waarmee we onze hypotheek betaalden. De gezamenlijke vakanties. De uitjes met de kinderen. Knip. Doormidden. Het ene moment een pas die deuren voor je opent. Het volgende moment twee waardeloze stukjes plastic. Ik word er zó verdrietig van. De bankmevrouw ziet het. ‘Hoe lang waren jullie samen?’ vraagt ze. ‘Twaalf jaar,’ antwoord ik met trillende stem. ‘Dat is een hele tijd,’ zegt ze warm.

Met rode ogen verlaat ik het bankkantoor. Zonnebril op m’n neus om mijn tranen te verbergen. We fietsen een klein stukje samen op. Daarna slaat hij de hoek om, op weg naar zijn volgende bestemming. Ik ga rechtdoor. Almaar rechtdoor. De laatste banden zijn doorgeknipt.

alweer?

Scheiden - Peter van StraatenWat een briljánte tekening is dit van Peter van Straaten. Heerlijk, die relativering. Natuurlijk, een scheiding is moeilijk – zeker als je er middenin zit. Maar je overleeft het. En juist als je voor de tweede keer opbreekt na een langdurige relatie, dan weet je dat je het uiteindelijk gaat redden. Omdat je het die eerste keer óók hebt gered.

Hoe anders keek ik hier vroeger tegenaan. Uit mijn jeugd herinner ik me wat voor schok het teweegbracht als iemand uit onze kennissenkring ging scheiden. Er hing een waas van geheimzinnigheid omheen. Er werd gemompeld en gefluisterd. Wat er precies loos was, daar kwam ik niet achter. Maar ik wist wel dat het goed mis was, een relatiebreuk. Laat staan als mensen twéé keer gingen scheiden. ‘Dat wordt zijn derde huwelijk,’ hoorde ik eens met onverholen afgrijzen op een verjaardagsfeest. Ik kon me volledig in dat afgrijzen vinden. In gedachten trok ik mijn wenkbrauwen op als ik zoiets hoorde – hoe was het mógelijk? Trouwen, dat deed je maar één keer, en dat was for always! Mensen die meerdere keren gingen scheiden – dat gaf me familie Flodder-associaties. Dat mensen zoiets niet konden opbrengen, trouw tot aan de dood! Zoiets zou míj niet overkomen.

Nu weet ik: een relatie is alleen lang houdbaar als je er allebei voldoende energie uit haalt. Als je in staat bent elkaar vrolijker, mooier en groter te maken. Merk je dat dit niet meer lukt, dan is het beter er een punt achter te zetten – hoe verdrietig en hoe zwaar dat besluit ook is. Je wordt er niet gelukkiger van om bij elkaar te blijven enkel omdat het handig of verstandig is. Het leven is te kort om elkaars ontwikkeling in de weg te staan. Elke scheiding is een nieuw begin.

Tinderen

‘Ga toch Tinderen,’ hoor ik van verschillende kanten. ‘Al voer je maar een paar gesprekjes. Het is een boost voor je ego.’ Hoewel mijn hoofd een half jaar na de relatiebreuk nog niet bepaald naar daten staat, trekt een mini-workshop Tinder van een vriendin me over de streep. Best grappig eigenlijk, foto’s van mannen bekijken met een kort tekstje erbij. Vind je ‘m leuk, dan vink je hem aan. Vind je het niks, dan gaat er een rood kruis doorheen. Was het In Real Live ook maar zo eenvoudig. Ik download de app op mijn telefoon. Maar wat ik ook probeer: ik kom Tinder niet in. Hoewel ik met Facebook ben ingelogd, meldt de app voortdurend dat dit niet zo is. Ik schijn Tinder niet te mogen gebruiken. Het is vast een teken van boven.

‘Kom dan bij The Inner Circle,’ zegt een andere vriendin. ‘Een club waar je singles uit de buurt leert kennen. Niet via internet, maar tijdens live ontmoetingen.’ Kijk, dat klinkt goed. Je kunt je niet zelf aanmelden: dat loopt via iemand die al is aangesloten bij de club. Exclusiviteit gegarandeerd. Mijn vriendin meldt me aan.
Ik ben benieuwd! Maar het is me niet gegund: mijn aanvraag wordt afgewezen. ‘The Inner Circle will not go into further detail about this decision,’ staat er resoluut in de mail. Zie je: het is een helder signaal. Daten, ik kan er beter niet aan beginnen.

Een derde poging: ik download Paiq. Ik hoor er enthousiaste verhalen over. ‘Geen vleeskeuring, je gaat eerst via de app het gesprek met elkaar aan. Dan pas krijg je de foto te zien.’ Nou, proberen maar. Paiq accepteert me probleemloos – dat is alvast een meevaller! Weldra zit ik te chatten met drie mannen tegelijk. Toe maar! En ja hoor, na een chat van een kwartier komt de foto van nummer 1 tevoorschijn. Een ware deceptie. De andere twee zien er gelukkig appetijtelijker uit. Met één van de heren komt het bijna tot een heuse afspraak. Bíjna. Want een paar dagen na onze digitale kennismaking, ik zit een stapel folders over pensioenreglementen te schrijven, zoemt mijn phone en krijg ik een bericht van hem. Op het  toegangsscherm van mijn telefoon – gelegen op de keukentafel, stel je voor dat dochter naast me had gezeten om haar wiskundehuiswerk te maken – staat te lezen: ‘Loop je wel eens zonder slipje over straat?’ PARDON? Is dit de man met wie ik twee dagen geleden zo’n sprankelend, interessant gesprekje had? Er zijn vast vrouwen die stuiptrekkingen krijgen van dit soort creatieve teksten. Maar ik ben hier veel te nuchter voor. Woest antwoord ik meneer dat ik aan het eind van de winter best eens zonder handschoenen de straat op ga. En ‘s zomers zelfs zonder jas. Maar zonder onderbroek – dank voor de suggestie, maar ik pas. Ik schrijf me meteen weer uit bij Paiq. De app verwijder ik van mijn telefoon.

Het is duidelijk: internetdating is aan mij niet besteed. Ik loop vást voor m’n 65e wel eens in het wild een aardige man tegen ‘t lijf.