alternatieve feiten

Rode hond, kinkhoest, mazelen, difterie – tegen al deze ziekten werden zoon en dochter jaren geleden ingeënt. Het consultatiebureau vertelde me dat de prikken nodig waren. Ik twijfelde geen seconde aan dit advies. Waarom zou ik? Mede-moeders wezen me echter op de stichting Krities Prikken. Wist ik wel wat de gevolgen konden zijn van zo’n inenting?  En wie zei me dat het toegediende goedje wel echt het juiste serum zou zijn? Nee, hun kinders werden niet aan de consultatiebureauprikzucht overgeleverd. Trouwens, waren de voedingsrichtlijnen wel in de haak?

Noem me naïef, maar ik volgde probleemloos het Rijksvaccinatieprogramma. Ook vertrouw ik blindelings op de deskundigheid van de loodgieter, de boekhouder, de kapper en de buschauffeur. Toen ik studeerde ging ik ervan uit dat de colleges van mijn docenten op wetenschappelijke feiten waren gebaseerd. En als ik mijn krant lees, twijfel ik er niet aan dat de juiste bronnen zijn geraadpleegd en dat er hoor en wederhoor is toegepast. Misschien is dit een oliedomme grondhouding. Maar ik vind het een zegen dat ik niet voortdurend hoef na te denken of het wel klopt wat ik lees, eet, hoor en zie. Stel je voor dat ik de hele dag alles zou moeten wantrouwen: is de melk die ik in mijn winkelmandje stop niet vergiftigd? Krijg ik geen nepgeld terug van de caissière? Ik ben er dankbaar voor dat ik in een land woon waar ik dit vertrouwen kán hebben. Ik ben blij met de journalistiek, de rechtspraak en de wetenschap: zij zorgen ervoor dat ik in discussie kan op basis van kennis van zaken. Dat ik me niet hoef te bedienen van onderbuikgevoelens. Dat ik mijn meningen op feiten kan baseren en dat ik, als ik ergens iets van wil of moet vinden, de juiste afweging kan maken.

Want kritisch ben ik zeker. Ik heb zo mijn meningen. Je mening geven is echter iets anders dan lukraak iets schreeuwen omdat je zo graag je eigen stemgeluid hoort. Ik schrik van uitspraken als ‘een feit is ook maar een mening‘. En van de makkelijke manier waarop iets wat niet in je straatje past, aan de kant wordt geschoven. Een vrouwenmars waar miljoenen vrouwen wereldwijd aan deelnamen? Meneer Trump besteedde er geen aandacht aan. En dat er aanzienlijk minder aanwezigen waren bij zijn inhuldiging dan tijdens die van Obama, werd afgedaan als manipulatie van de pers. Er was sprake van ‘alternatieve feiten’. Waar kennis voorheen macht was, wordt expertise nu als onzin afgedaan. Deskundigen zijn ‘elitair’.

Ik wil de nuance terug. Een discussie gebaseerd op argumenten. Een debat waarin mensen elkaar in hun waarde laten. En dus pleit ik ervoor om de verongelijkte toon in (Twitter-)discussies om te buigen naar het kritisch bevragen van jezelf. Als je rept van ‘steeds hogere kosten’ of ‘steeds minder mensen’, om welke hoeveelheden gaat het dan precies? Heb je dat uitgezocht? Welk boek heb je gelezen, welk onderzoek heb je gedaan voordat je je mening uitbraakte? Durf te lezen. Durf te luisteren. Geef je mening als het moet, vertrouw op feiten als het kan. Zo breng je nuance aan in het debat. En nuanceringen, daar kom je verder mee dan met alternatieve feiten.*

*NB: dit is geen feit, maar een mening.

 

 

 

5 gedachten over “alternatieve feiten

  1. ‘Een feit is ook maar een mening.’ Ha, beetje een dooddoener inderdaad, maar vertel dat eens tegen de filosoof met de hamer.

    Het moet er allebei zijn, denk ik. Zonder stelligheid geen nuance, zonder feiten geen mening, zonder verantwoordelijkheid geen vrijheid. Als we dat blijven beseffen, zijn we al een heel eind. 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *