Tagarchief: dating

de eeuwige single

Een doorsnee vrijdagmiddag. Met vriend R. drink ik een biertje in de stad. Het gesprek gaat over relaties. Hij en ik, allebei solo, weten heel goed wat we níet willen. Logisch: in een nieuwe situatie zet je je onwillekeurig tegen de oude af. Je zoekt iets wat je miste bij je ex. We bezigen daadkrachtige, stoere taal. Van ‘nooit meer samenwonen!’ tot ‘ach, hoe belangrijk is seks nu eigenlijk?’

Onze stellingnames gaan verder dan het omschrijven van de ideale partner. Ook de vorm van de relatie is een issue. Want kijk om je heen: na een scheiding hebben veel mensen in no time een nieuw liefje. En dan kiezen ze als vanzelfsprekend voor het vertrouwde, vaste patroon. Wéér wordt een partner voorgesteld aan vrienden en familie, wéér wordt van de kinderen verwacht dat ze zich aanpassen aan de vriend of vriendin van pa of ma, wéér vier je samen Kerst en zit je naast je partner in de kring op verjaardagsfeestjes.

Alles precies zoals het was – alleen met een ander personage. Wil ik dat? Néé! Maar wat dan wel? Eeuwig single blijven? In De Corrrespondent las ik een voorpublicatie van Het monogame drama van Simone van Saarloos. De filosofe pleit voor single-zijn als vaststaande relatiestatus. ‘In onze cultuur is monogamie nog altijd het ideaal. Het single-zijn wordt altijd als een tussenfase gepresenteerd, nooit als doorlopende oefening of levenskunst,’ schrijft Van Saarloos.

Herkenbaar. Schrijf je je in op een datingsite, dan kies je natuurlijk voor de betaaloptie ‘drie maanden’ – want een jaarabonnement impliceert dat je er weinig fiducie in hebt ooit van je singlestatus af te raken. Stelletjes zijn de standaard in onze maatschappij. Als single krijg je onwillekeurig het gevoel incompleet te zijn.  Van Saarloos schrijft hierover: ‘Waarom zou slechts één levenspartner genoeg zijn om je compleet te maken?’ Zij pleit niet zozeer voor single zijn in de zin van ‘geen liefdesrelatie hebben’ – ze is een voorstander van meerdere relaties tegelijkertijd.

Voor mij zit ‘m hier de crux. Ik zie single-zijn inderdaad als levenskunst. Ik vind mezelf verre van zielig en zoek geen partner om me compleet te maken. Het solobestaan betekent voor mij echter niet ‘erop los leven’. Een relatie met Jan, Piet én Klaas – da’s mij te ingewikkeld. Eén lief is genoeg. Steun ervaren, je geliefd en begeerd voelen, weten dat iemand op aarde regelmatig aan je denkt – hoe fijn is dat! Daarbij draait het om de juiste balans tussen afstand en nabijheid. Niet samenzijn omdat het hoort – maar omdat je het wílt. Elkaar vrij laten. Geen jaloerse toestanden. Elkaar alle geluk van de wereld gunnen, ook als dat betekent dat de ander een keuze maakt waar jij weinig begrip voor op kunt brengen.

Niet de helft van een stel, maar ook geen eeuwige single. Is daar misschien een woord voor?

cursus alleen zijn

Alleen wonen – hoe weet je of je het kunt? In de maanden voorafgaand aan mijn verhuizing deed ik regelmatig research bij mijn single vrienden. Ruimhartig zetten ze tijdens vele terrasbezoeken de voor- en nadelen voor me op een rij (dát leerde ik meteen al: singles nemen de tijd voor je. En ze hoeven niet drie weken van tevoren hun agenda te trekken, maar springen na één appje op de fiets om met je af te spreken). Ik wist in theorie wat ik verwachten kon. Maar pas toen ik op eigen benen stond, wist ik hoe het werkelijk was. Een workshop ‘hoe red ik mezelf in mijn eentje’ was in die dagen meer dan welkom geweest.

Vorige week ontdekte ik dat er zo’n cursus bestaat. Maartje Duin maakte de vierdelige radioserie Een cursus alleen zijn. Een aanrader voor elke single! ‘Ik bepaal zelf wanneer ik iets afspreek en met wie,’ zegt een man in het deel over vrijetijdsbesteding. ‘Ik leef van uur tot uur.’ Een vrouw vertelt hoe heerlijk het is om alleen naar het theater te gaan. En, zegt ze: ‘Als je in je eentje gaat, is de kans op een kaartje ook groter.’ Wel constateert ze dat mensen die alleen leven, veel meer moeite moeten doen om te ontspannen. Omdat je alles zelf moet doen, gun je jezelf nooit eens rust.

Herkenbaar vond ik het deel over moeilijke momenten. De momenten dat je in je eentje thuiskomt bijvoorbeeld, en met niemand je verhaal kunt delen. Dat er geen partner is die kritisch meedenkt of vanzelfsprekend met je meegaat naar een feest. Of die de simpele ditjes en datjes met je bespreekt. Een vrouw vertelt dat ze eens meereed met een bevriend stel. Ze zat achterin de auto en hoorde het setje praten. ‘Ze overlegden met elkaar over het eten en besloten dat ze spruitjes zouden koken. Daarna hadden ze het over een tv-programma dat ze gingen kijken. Ik voelde me zó alleen. De tranen liepen over m’n wangen.’ ‘Ik zou zomaar dood kunnen gaan en dan zou  ik hier maar liggen in dat ongeordende huis. Het zou dagen duren voordat iemand me zou missen,’ vertelt een man.

Het laatste deel gaat over daten en de liefde. ‘Als je een hele tijd alleen bent, sta je op de seksuele spaarstand,’ vertelt een vrouw. Of juist niet: dan heb je een lijstje bedpartners die op afroep beschikbaar zijn. ‘Een soort wederzijdse prostitutie eigenlijk, waar geen geld aan te pas komt.’ Het voorbereiden op een date is vaak al leuk genoeg, hoor ik: ‘Ik lak mijn nagels, ga in bad, smeer me in met bodylotion. Ik sta uren voor de spiegel, doe lekker een muziekje aan. Het maakt dat ik me prettig en gelukkig voel. Soms zeg ik die date vervolgens gewoon af.’

De interviews in de cursus werken louterend: in een wereld vol met stelletjes is het fijn om verhalen van andere singles te horen. Daarnaast zijn er de tips. Veelal voor de hand liggend, maar er zit zeker een opstekertje tussen zo nu en dan. Bijvoorbeeld: ‘Als je je ellendig voelt, pak dan de telefoon en bel een vriendin. Zeg haar dat je verdrietig bent en dat je bij haar spruitjes wilt komen eten.’ En ook dit advies is te mooi om jullie te onthouden: ‘Ben je down, pak dan een documentairebox van de Beatles. Ga zéker geen films over de liefde kijken.’

Beluister hier de cursus alleen zijn

Tinderen

‘Ga toch Tinderen,’ hoor ik van verschillende kanten. ‘Al voer je maar een paar gesprekjes. Het is een boost voor je ego.’ Hoewel mijn hoofd een half jaar na de relatiebreuk nog niet bepaald naar daten staat, trekt een mini-workshop Tinder van een vriendin me over de streep. Best grappig eigenlijk, foto’s van mannen bekijken met een kort tekstje erbij. Vind je ‘m leuk, dan vink je hem aan. Vind je het niks, dan gaat er een rood kruis doorheen. Was het In Real Live ook maar zo eenvoudig. Ik download de app op mijn telefoon. Maar wat ik ook probeer: ik kom Tinder niet in. Hoewel ik met Facebook ben ingelogd, meldt de app voortdurend dat dit niet zo is. Ik schijn Tinder niet te mogen gebruiken. Het is vast een teken van boven.

‘Kom dan bij The Inner Circle,’ zegt een andere vriendin. ‘Een club waar je singles uit de buurt leert kennen. Niet via internet, maar tijdens live ontmoetingen.’ Kijk, dat klinkt goed. Je kunt je niet zelf aanmelden: dat loopt via iemand die al is aangesloten bij de club. Exclusiviteit gegarandeerd. Mijn vriendin meldt me aan.
Ik ben benieuwd! Maar het is me niet gegund: mijn aanvraag wordt afgewezen. ‘The Inner Circle will not go into further detail about this decision,’ staat er resoluut in de mail. Zie je: het is een helder signaal. Daten, ik kan er beter niet aan beginnen.

Een derde poging: ik download Paiq. Ik hoor er enthousiaste verhalen over. ‘Geen vleeskeuring, je gaat eerst via de app het gesprek met elkaar aan. Dan pas krijg je de foto te zien.’ Nou, proberen maar. Paiq accepteert me probleemloos – dat is alvast een meevaller! Weldra zit ik te chatten met drie mannen tegelijk. Toe maar! En ja hoor, na een chat van een kwartier komt de foto van nummer 1 tevoorschijn. Een ware deceptie. De andere twee zien er gelukkig appetijtelijker uit. Met één van de heren komt het bijna tot een heuse afspraak. Bíjna. Want een paar dagen na onze digitale kennismaking, ik zit een stapel folders over pensioenreglementen te schrijven, zoemt mijn phone en krijg ik een bericht van hem. Op het  toegangsscherm van mijn telefoon – gelegen op de keukentafel, stel je voor dat dochter naast me had gezeten om haar wiskundehuiswerk te maken – staat te lezen: ‘Loop je wel eens zonder slipje over straat?’ PARDON? Is dit de man met wie ik twee dagen geleden zo’n sprankelend, interessant gesprekje had? Er zijn vast vrouwen die stuiptrekkingen krijgen van dit soort creatieve teksten. Maar ik ben hier veel te nuchter voor. Woest antwoord ik meneer dat ik aan het eind van de winter best eens zonder handschoenen de straat op ga. En ‘s zomers zelfs zonder jas. Maar zonder onderbroek – dank voor de suggestie, maar ik pas. Ik schrijf me meteen weer uit bij Paiq. De app verwijder ik van mijn telefoon.

Het is duidelijk: internetdating is aan mij niet besteed. Ik loop vást voor m’n 65e wel eens in het wild een aardige man tegen ‘t lijf.